Nieuws - Website Focolarebeweging

 

  HOME

 
Leo Andringa op Geloofsfeest 's-Hertogenbosch
Economie en charisma's
 

Zo’n 100 mensen van het Brabantse bedrijflseven verzamelden zich op 14 mei in de grote tent op de Parade in Den Bosch om te luisteren en debatteren over wat het geloof kan betekenen voor bedrijfsleven en economie. De ontmoeting vormde een van de activiteiten die het bisdom ‘s-Hertogenbosch organiseerde vanwege zijn 450-jarig bestaan.

'Geloof in de economie'
Twee sprekers waren voor deze thema-avond ‘Geloof in de economie’ uitgenodigd hun visie te geven voor een gehoor van werkgevers en ondernemers. Rabo-topman Bert Heemskerk sprak over de stand van zaken op economisch gebied.

Boerencoöperaties
Heemskerk herinnerde onder meer aan het werk van pater Gerlachus van den Elsen, grondlegger van vele boerencoöperaties in Noord-Brabant en mede-oprichter van de Boerenleenbank. “Den woeker weren, den landman in zijn nood bijstaan, spaarzaamheid, naastenliefde, arbeidzaamheid en matigheid”, waren de kernwoorden die pater Gerlachus motiveerden, aldus de Rabo-bestuursvoorzitter.

‘Charismatische economie’
Met het voorbeeld van de coöperatieve organisaties, gaf hij een voorschot op het verhaal van de tweede spreker, Leo Andringa, voormalig regiodirecteur van De Nederlandsche Bank. Deze ging in op wat hij noemde de ‘charismatische economie’.

Inspiraties
Als hij spreekt over ‘charismatisch’ dan doelt Leo Andringa op inspiraties van bijzondere mensen die grote veranderingen teweeg hebben gebracht. Hij noemt de heilige Benedictus en Franciscus, maar ook de stichters van bewegingen uit onze tijd, zoals Riccardi van Sant’Egidio en Chiara Lubich van Focolare. “Dat president Bush vorig jaar in Rome een bezoek bracht aan Sant’Egidio om hen te bedanken voor hun inzet voor de vrede in Afrika, is veelzeggend”, aldus Andringa.

'Charismatisch' en 'institutioneel', elkaar aanvullende dimensies
Verrassend in zijn verhaal is dat hij het ‘charismatische’ plaatst tegenover het ‘institutionele’. Hij verwijst naar wat theoloog Hans Urs Von Balthasar zei over deze twee, elkaar aanvullende dimensies binnen de kerk. De institutionele kerk heeft de bezieling nodig van de charisma’s en omgekeerd kan het charismatische niet zonder de structuren en leiding van de kerk als instituut.

Vernieuwing
Andringa trekt deze visie door naar de economie. “Zoals de geschiedenis van de kerk kan worden geschetst als een ontwikkeling en vlechtwerk van deze twee dimensies, geldt dat ook voor de maatschappij en de economie. Ook daar zijn het inspiraties die vernieuwing brengen.”

Maar marginaal aandacht
Maar – zo constateert hij – “in de beschrijving en bestudering van de economie komt vooral de institutionele economie aan bod: de hiërarchische, juridische en objectieve aspecten van het economisch leven. Er is geen of maar marginaal aandacht voor de invloeden vanuit de verschillende charisma’s. De vernieuwingen als vrucht van deze charisma’s worden door de economische instituties overgenomen of gekopieerd. In de geschiedenisboeken lees je alleen dat laatste.”

Benedictus
Uitvoerig beschrijft Leo Andringa de invloed van de heilige Benedictus en Franciscus op de economie in haar beginfase. Met zijn ‘ora et labora’ (‘bid en werk’) zette Benedictus de monniken vanaf de zesde eeuw aan tot een evenwichtige routine van gebed en lichamelijke arbeid. Door te werken als boeren en ambachtslieden voorzagen zij in hun dagelijkse, eenvoudige, levensbehoeften. In de cultuur van die tijd had werken geen enkel aanzien; alleen slaven werkten. Benedictus verenigt het innerlijk leven en werk.

Ethische reflectie
Deze nieuwe houding ten opzichte van het werk breidt zich uit over geheel West-Europa. Steeds meer kloosters (meer dan 500) ontstaan. De werkhouding van de monniken wordt overgenomen door de burgers. Daardoor produceert de gemeenschap veel meer dan het zelf nodig heeft. Er ontstaat handel met de omgeving, vooral met de steden. Tegen welke prijs goederen verhandelen? Is winst maken gerechtvaardigd? Op al deze vragen moeten de monniken een eerste antwoord geven. Vanuit deze reflectie ontstaat de eerste ethische motivatie van de markt.

Dubbele boekhouding
De administratie van een abdij is al behoorlijk gecompliceerd, met de productie en handel erbij wordt het nog gecompliceerder. De Benedictijnse monniken ontwikkelden het systeem van dubbel boekhouden.

Wat zou Europa zijn geweest zonder de Benedictijnen?
Ook op het gebied van de landbouw brengt het charisma van Benedictus grote innovaties: de uitvinding van de watermolen, windmolen, vruchtendranken, bier, bijenteelt, kweek van vis. De historicus Woods (2007) bevestigt dat de graanhandel in Zweden door de monniken werd geïntroduceerd, evenals de productie van kaas in Parma, de zalmkweek in Ierland, de eerste champagne van de monnik Dom Perignon. Wat zou Europa zijn geweest op gebied van visie op het werk en economie zonder de trouw van de Benedictijnen aan hun charisma?

Franciscus
Dan springt Andringa naar het jaar 1200, de tijd van Franciscus. Vanuit de totale onthechting van het geld komen de franciscanen tot een nieuwe economische visie, de erkenning dat de ware rijkdom niet bestaat in het ‘hebben’. De studie over het waardebegrip leidt tot een reflectie over de markt. Deze wordt gezien als een plaats gebaseerd op vertrouwen en geloofwaardigheid. Alleen kooplieden met een goede reputatie mogen er zaken doen.

Rente en woekerrente
Ook over de rente wordt nagedacht. De franciscanen onderscheiden het verschil tussen rente en woekerrente. De eerste volksbanken ontstaan, de Monti di Pietà, pandjeshuizen waar tegen een uiterst lage rente geld aan armen wordt geleend om deze te beschermen tegen woekeraars.

Don Bosco
In de eeuwen die volgen ontstaan vanuit christelijke inspiratie de eerste ziekenhuizen, scholen, sociale hulp. Andringa noemt in dit verband ook dat het eerste arbeidscontract voor een minderjarige gemaakt wordt door Don Bosco.

Civiele charisma's
Maar het zijn niet alleen christelijke charisma’s die verandering brengen. Een uitdrukking van een ‘civiel charisma’ is de Europese coöperatieve beweging, een niet-kapitalistisch alternatief voor de markteconomie, aldus Andringa.

Gandhi
En buiten de westerse wereld wijst hij op het werk van Gandhi en van Yunus. Gandhi’s zoutmars van 1930 was voor India een mijlpaal. Het charisma van Gandhi betekende een revolutie in India die zou leiden tot zelfstandigheid. De zoutmars had ook een grote economische betekenis omdat deze het zoutmonopolie van Engeland doorbrak.

Yunus
De Nobelprijs voor de vrede werd in 2006 uitgereikt aan Muhammed Yunus, de man die in Bangladesh als eerste armen helpt met microkredieten zonder onderpand. Ook dit is een duidelijke uitdrukking van een charisma voor de armen.

De economie van gemeenschap
In de lijn van de charismatische economie ligt ook de ‘economie van gemeenschap’. Bij het zien van de grote sloppenwijken rondom São Paulo stelde Chiara Lubich in 1991 de mensen van de Focolarebeweging voor om talenten en geld in gemeenschap te brengen en zo bedrijven te starten die met hun winst armen zouden kunnen steunen.

'Cultuur van geven'
Maar ook zou een deel van de winst bestemd moeten zijn voor vorming, de vorming in een nieuwe mentaliteit. Andringa: “Dan kan vanuit het evangelie een nieuwe cultuur ontstaan, niet die van het ‘hebben’, maar een ‘cultuur van geven’.” In heel de wereld ontstonden vanuit deze nieuwe visie bedrijven en sloten bestaande ondernemingen zich aan.

Laboratorium
Leo Andringa vervolgt: “Deze bedrijven nemen net als alle andere deel aan de markteconomie, maar tegelijk vormen zij samen een soort laboratorium waar een humaan model van economie wordt geleefd en zich ontwikkelt. Zo is vlakbij Manilla een plattelandsbank, die is uitgegroeid tot een van de grootste in zijn gebied, met nu 300 werknemers. Met grote verwondering, zelfs ontroering, heb ik vorig jaar gezien hoe eenvoudige mensen zich met hulp van die bank tot ondernemers ontwikkelen.”

Bedrijven met een ‘spiritualiteit’
Wat hen onderscheidt is – in de woorden van Leo – “een kracht die naar voren komt uit de liefde”. “Werkers in een bedrijf van de economie van gemeenschap leven voor dit ideaal, of zij volgen anderen na omdat ze door de sfeer binnen het bedrijf worden geraakt.” Het zijn bedrijven met een ‘spiritualiteit’. “Bedrijven waar de kwaliteit van de onderlinge verhoudingen centraal staat. Die een voorkeur voor de zwakken in de samenleving hebben. Die hun leveranciers en klanten behandelen zoals ze zelf behandeld willen worden en die in staat zijn ook de concurrent lief te hebben.”

Gebaseerd op de broederschap
Leo herinnert aan de woorden van kardinaal Bertone, staatsecretaris van de Heilige Stoel, bij de uitvaartdienst van Chiara vorig jaar maart in Rome. In zijn homilie noemde deze de economie van gemeenschap “een nieuwe economische praktijk en theorie gebaseerd op de broederschap” en bad hij God dat “vele economen en werkers de economie van gemeenschap zullen gaan zien als een serieuze bron voor een nieuwe wereldorde gebaseerd op het samen delen”.

Crisistijd
In deze economie van gemeenschap – legt Leo uit – geldt niet langer de schizofrenie zoals de grondlegger van de economie, Adam Smith, deze heeft omschreven: thuis leeft de man in harmonie met zijn vrouw, kinderen en vrienden; buitenshuis geldt als richtsnoer voor zijn handelen het egoïsme. Het egoïsme van alle marktpartijen samen leidt dan, via een onzichtbare hand, tot het algemeen belang. Leo: “Intussen hebben we in de huidige crisis kunnen constateren dat het ongecontroleerde egoïsme leidt tot de verwoesting van het algemeen belang en daarmee van het systeem zelf.”

De rijken niet uitsluiten
Bij Benedictus en Franciscus en in charisma’s zoals die van Gandhi, Yunus en Chiara Lubich, staat steeds de liefde voor de arme en de relatie met de ander centraal. De rijke wordt niet uitgesloten. Vertrouwen, welzijn, vrede zijn uitdrukkingen van de kwaliteit van relaties tussen personen. Andringa: “Voor de ‘waarde’ van relaties is in de economische individualistische theorie geen plaats. Daarmee mist de economische theorie de essentie van het leven, hangt in de lucht en de feitelijke economie, die hierop is gebaseerd, valt – vooral als het te gortig wordt – flink op de grond. Dat hebben we gezien.”

Cultuur moet meeveranderen
De institutionele economie alleen is niet in staat de huidige crisis op te lossen, concludeert Leo. Ook de staat kan het niet omdat deze binnen hetzelfde denkkader en cultuur opereert. “De nieuwe minister van financiën van de Verenigde Staten komt uit hetzelfde bankcircuit dat zo onderuit is gegaan.” Zelfs een perfecte regelgeving voor het internationale kapitaalverkeer is, volgens Andringa, niet voldoende als de cultuur niet meeverandert.

Microniveau
“Daar lijkt het nog niet op. Er zijn wel signalen voor een nieuwe cultuur, maar de maatschappelijke antenne hiervoor is nog zwak. Op macroniveau zie ik nog geen oplossing. Wel op microniveau. Hij noemt enkele voorbeelden van een sociale economie die zich ontwikkelt, het ethisch bankieren en de ervaring van de economie van gemeenschap. “Deze illustreren dat er in het denken en handelen toch wel iets aan het veranderen is. Maar het gaat zeer langzaam. Toch kan een crisis ook een voorbode voor een nieuwe lente zijn.”

 
« Vorige