Nieuws - Website Focolarebeweging

 

  HOME

 
Daar komt de tram
 

In de verte zie ik al dat de tram tjokvol zit. Even twijfel ik of ik wel zal instappen. Lang staan in een rijdende tram is niet mijn sterkste kant. Maar wie weet valt het mee. 

Ik stap in. Verderop zit een veertig met zijn benen over de lege plaats naast hem. Hij wuift dat ik moet komen. Ik schuif langs de staande mensen en kom met moeite bij hem terecht. Naderbij komend ruik ik bierlucht en ik zie dat hij armoedig gekleed is. Door mijn hoofd flitst: “Dat is mijn broeder om vandaag lief te hebben.”

Ik vraag:”Mag ik naast u komen zitten?”
   
Meteen zwaait hij zijn benen van de tweede stoel en zegt: “Voor u hield ik deze plaats vrij, want weet u, ik houd altijd een plaats vrij voor oudere mensen. Ik heb dat als kind al geleerd. Als we ergens naar toe gingen met onze ouders moesten we altijd opstaan voor oudere mensen. Ja, mevrouw, nu kennen ze geen normen en waarden meer. Kijk eens om u heen, hoeveel jongeren er zitten en niet één staat er voor u op.”

“U gaat op reis, zo te zien?” zeg ik om van het onderwerp te veranderen.
“Ja, ik ga naar Zeewolde. Maar waar ga jij naar toe? Sorry ik zeg ‘jij’. Dat mag niet tegen ouderen…”
“Och tegen mij mag je gerust ‘jij’ zeggen.”
“Waar ga jij naar toe?”
“Ik ga op zaterdag naar de kerk.”
“Naar de kerk? Ben je dan katholiek?”
“Ja.”
“Ga je dan soms naar een mis? Bestaat dat nog? Ja, vroeger was ik ook katholiek en ging ik 's zondags aan de hand van vader naar de kerk. Ons hele gezin ging naar de kerk. Maar ik ben het al jaren kwijt. Maar jij, heb jij daar genoeg aan? Moet je niet wat meer hebben, een spiritualiteit of zoiets? Met een mis alleen kun je ook niet leven en ook niet met de preken. Ik begreep daar nooit iets van.”
Dan ik weer: “Toch ervaar ik een grote steun in de eucharistie en daarnaast volg ik ook een spiritualiteit, die me iedere dag een Woord geeft om te leven.”
Mijn vriend naast me weer: “Eigenlijk ben ik niet alles kwijt!”

Onder zijn smoezelige hemd haalt hij een ketting met kruisje vandaan. “Kijk, ik houd heel veel van Jezus. Met Hem praat ik iedere dag en bespreek ik alles.”
“Nou, dat moet je zeker blijven doen!”
Ik zie dat ik moet uitstappen. Ik wens hem nog een goede reis. Hij legt zijn hand op mijn rug en zegt: “Mevrouw, bedankt voor dit gesprek.”

Epi Hanssen

tekening: Jan Bolder


 
« Vorige